Halligen
We zijn nu in het gebied van de Halligen. Dit zijn kleine eilanden zonder zeewering. Het zijn stukken kwelder met wat terpen die bij een flinke springvloed bijna helemaal onderlopen. Het vee en de touristen worden dan op de terp getrokken tot het water weer weg is. Zo leefde men tot duizend jaar geleden overal in de lage landen, en hier dus nog steeds. Het is heel bijzonder om hier langs te fietsen of te varen. Je ziet een streepje op het water liggen, met wat terpjes, en dat is dan het eiland.
Dit hele stuk waddenzee is ontstaan door de al eerder genoemde Marcellusvloed en Buchardivloed. Voor deze stormvloeden was dit een uitgestrekt kweldergebied doorsneden door slenken en riviertjes. De zee drong in de loop der eeuwen verder binnen, totdat het een verzameling grote eilanden was die vlak bij elkaar lagen, ongeveer zoals Zeeland er ooit uit zag. De stormvloeden verwoestten dit alles. Het grote eiland Strand verdween voor het grootste deel in de golven. Duizenden mensen kwamen om. Wat overbleef was een stuk Waddenzee met tientallen nauwelijks bewoonbare stukjes kwelder, Halligen. Er zijn er tegenwoordig nog tien over, waarvan er vijf bewoond worden.
De Halligen Nordstrandischmoor, Oland en Langeness zijn met dammen aan de vaste wal verbonden. Over deze dammen lopen smalsporen waar de bewoners met kleine lorries over heen rijden. Leuk detail is dat deze
lorries vroeger geen motor hadden, maar door een zeil werden aangedreven. Toevallig komen we één van deze lorries tegen als deze het fietspad kruist.
De Hamburger Hallig is éen van de kleinste: er staat maar één boerderij op. Er loopt een dammetje met wat kwelder er langs naar de wal. We fietsen er heen, in de boerderij is een
café-restaurant gevestigd met trage bediening doch uitstekende taart. En het stikt er van de vogels.
Met de wind eindelijk in de rug schiet het wel op. Bij Dagebüll kijken we nog één keer naar de Hallig Oland, en dan gaan we het binnenland in, op naar de Deense grens. Op de één of andere manier kunnen we voelen dat we het einde van Duitsland naderen, "het land rafelt uiteen", zoals de Russische dichter Joseph Brodsky het ooit omschreef. Bij Rosenkranz gaan we de grens over, en meteen voelt het land anders, de gebouwen en weilanden zien er anders uit, de boeren gebruiken andere machines. Vreemd. Even wennen.
